In het dorp Mazare’ Al-Nubani, in het gouvernement Ramallah & Al-Bireh, bewerkt de 65-jarige Abdulrahman Zaben zijn land met een diepe verbondenheid. Zijn leven wordt gekenmerkt door veerkracht, ontberingen en een sterke band met het land.
Voor Abdulrahman is landbouw nooit alleen maar een job geweest. Het is identiteit, erfgoed en een manier van leven die van generatie op generatie is doorgegeven. Hij erfde het land met zo’n 100 à 120 olijfbomen van zijn vader. Van jongs af aan combineerde Abdulrahman werk in de bouw met het bewerken van zijn land. Maar waar het leven hem ook bracht, de aantrekkingskracht van de landbouw bleef: “Vroeger werkte ik in de bouw. Na de uren ging ik naar de olijfboomgaard. Ik heb bij alles meegeholpen: ploegen, oogsten, onkruid wieden, alles.”
Nu hij met pensioen is, wijdt hij zich volledig aan de landbouw. Zijn vrouw en kinderen staan niet alleen als familie aan zijn zijde, maar ook als partners in het behoud van dit agrarische erfgoed. Zijn kinderen zijn altijd bij hem als hij naar de olijfboomgaard gaat.
Uitdagingen onder de oppervlakte
Ondanks deze diepgewortelde band is Abdulrahman’s reis verre van gemakkelijk. Een van de meest urgente uitdagingen is de verkoop van olijfolie. Alleen al in 2024 bleef hij zitten met bijna 1,5 ton onverkochte olijfolie. Dat komt door de hindernissen die de Israëlische bezetting oplegt aan handel en export. Die zijn het gevolg van de controle die Israël uitoefent over de Westelijke Jordaanoever. Daardoor werden hij en zijn coöperatie gedwongen een deel van hun productie tegen lagere prijzen te verkopen. Met grote financiële verliezen tot gevolg.
Nog ernstiger is de watercrisis. Boeren in het gebied zijn afhankelijk van water uit Ein Samia, een bron die steeds moeilijker toegankelijk wordt.
“Soms wordt het water een maand of zelfs twee maanden afgesloten. Dat komt omdat kolonisten de controle hebben overgenomen, onder bescherming van het Israëlische bezettingsleger.”
Omdat hij geen alternatief had, werd hij gedwongen om water te kopen. In één zomer kocht hij tien tanks, die elk 250 sjekel kostten, wat een zware financiële last betekende voor zijn toch al krappe inkomen. “Ik heb land dat in de zomer voedsel voor mijn gezin zou kunnen opleveren, maar zonder water kan ik het niet bewerken.”
De gevolgen zijn verwoestend. Zijn olijfolieproductie daalde drastisch van 500–600 kilogram in een goed seizoen tot slechts 12 kilogram vorig jaar. “Als er geen productie is, is er geen inkomen. Maar de uitgaven houden nooit op.”
Veerkracht tegen alle verwachtingen in
Natuurrampen maken de situatie alleen maar zwaarder. Zware regenval kan de bodem eroderen en de traditionele stenen terrassen beschadigen, wat dure reparaties met zich meebrengt. Ondanks alles is weggaan nooit een optie geweest. “Dit is ons land. We hebben het geërfd van onze vaders en grootvaders; we kunnen het niet in de steek laten. Het land betekent voor mij thuis en waardigheid. Ik kan niet zonder.”

Voor hem is het land veel meer dan een bron van inkomsten; het staat voor waardigheid, verbondenheid en identiteit. Hij pauzeert even en voegt dan zachtjes toe: “Ik moet hier elke dag naartoe komen… om onder de olijfbomen te zitten en hun lucht in te ademen. Het geeft me rust.”
Een verschuiving naar hoop
Te midden van deze uitdagingen heeft de steun van de coöperatie en organisaties zoals Oxfam en PARC – Al Reef voor betekenisvolle verandering gezorgd. Voor die steun kon hij de olie niet goed op de markt brengen of opslaan. Vandaag hebben verbeterde systemen boeren geholpen om betere markten te bereiken en eerlijkere prijzen te bedingen, wat hun levensonderhoud direct heeft verbeterd. Hij noemt “eerlijke handel een investering in mijzelf en in mijn kinderen“.
Een van Abdulrahman’s grootste prestaties is dat zijn olijfolie de Europese markten bereikt. Dit is meer dan enkel een financiële overwinning, het is herwinnen van identiteit.
“Als mijn olijfolie Europa bereikt, ben ik trots. Vroeger werd het soms verkocht als Israëlische olijfolie. Nu wordt het erkend als Palestijnse olijfolie.”

Een boodschap aan de wereld
Als hij vooruitkijkt, is Abdulrahman zowel realistisch als hoopvol. Hij beschrijft het leven als leven in een “open gevangenis”, maar hij blijft veerkracht kweken… net als de olijfbomen om hem heen.
“Ik hoop dat mensen ons blijven steunen en helpen onze olijfolie op de markt te brengen. Deze steun is wat ons standvastig houdt op ons land.”
